Samenwerking is antwoord op demografische krimp (3 van 3)
Demografische krimp kan gezien worden als het spook van Europa. Leegstand en verloedering kunnen het gevolg zijn wanneer niet wordt ingegrepen. Foutief ingrijpen kan de problemen echter alleen maar vergroten. Doordat gemeenten en woningcorporaties elkaar beconcurreren ontstaat er juist meer leegstand.
Het antwoord ligt in samenwerking en geven en nemen.
Beeld van de gevreesde leegstand
Bron: www.levenoppluto.nl
Regionale afstemming
Om leegstand zoveel mogelijk te voorkomen doen gemeenten er verstandig aan woningbouw op regionaal niveau af te stemmen, voorzichtig te programmeren en niet alle bestaande bouwplannen (tegelijk) in uitvoering te brengen maar juist te faseren. Bouwplannen dienen van de nodige flexibiliteit te worden voorzien, er dient geen actief grondbeleid gevoerd te worden en idealiter wordt de projectontwikkeling (en daarmee de financiële risico’s) aan marktpartijen overgelaten.
Door voorzichtigheid en meer flexibiliteit te betrachten kan makkelijker worden ingespeeld op toekomstige ontwikkelingen. Voor het doelgroepenbeleid geldt dat goed opgelet dient te worden voor welke doelgroepen men bouwt en voor welke doelgroepen omliggende regio’s bouwen. Hiervoor is het tevens noodzakelijk om zowel demografische als marktontwikkelingen te monitoren. Om te voorkomen dat er in de toekomst sprake is van overbodige ruimtelijke investeringen en het zinloos verspillen van open ruimte dient de provincie de regionale woningbouw te coördineren.
Krimp accommoderen
Doordat bestuurders gewend zijn aan groei hopen zij door de woningvoorraad uit te breiden nieuwe inwoners te trekken en daarmee de demografische krimp te bestrijden. Demografische krimp is bestuurlijk en electoraal een moeilijk te verkopen boodschap. Bestuurders vrezen dat de boodschap van demografische krimp het draagvlak bij de kiezers aantast. De Parkstad-gemeenten illustreren wat er in dat geval kan gebeuren.
Deze Zuid-Limburgse gemeenten rondom Heerlen concurreerden met elkaar om nieuwe inwoners en waren elk bezig met het uitbreiden van de woningvoorraad waardoor de regionale en gemeentelijke problemen die met demografische krimp, zoals leegstaand verergerden. Ondanks dat het een moeizaam proces was konden bestuurders niet anders dan omschakelen van bestrijden naar accommoderen van krimp.
Dat houdt in dat de regionale woningmarktstrategie meer gericht is op het begeleiden van krimp door het aanpassen van de woningvoorraad aan de kleinere woningvoorraad en dus het regionaal en gemeentelijk matigen van nieuwbouwplannen. Bij accommoderen hoort ook het experimenteren met nieuwe financiële middelen, zoals regionale verevening, een regionaal sloopfonds en publiek-private samenwerking. Krimpregio’s kunnen ook experimenteren met de mogelijkheden van bestaande regels, zoals uit de Wet ruimtelijke ordening, voor een strategie gericht op het begeleiden van demografische krimp.
Demografische krimp: een kwaliteitsimpuls
Het afscheid nemen van groeimodellen doet op dit moment op veel plaatsen pijn en vraagt om een vernieuwing van plaatselijke woningmarkten. Het bestrijden van demografische krimp dient vooral gericht te zijn op het tegengaan van leegstand en niet op het tegengaan van deze demografische ontwikkeling. Sloop en nieuwbouw komen meer in het teken te staan van de wensen van woonconsumenten. Door regionaal af te stemmen hoe en voor wie er wordt gebouwd voorkomt men bouwen voor leegstand en gebruikt men demografische krimp als kwaliteitsimpuls voor de lokale en regionale woningmarkt. Inzetten op kwaliteit verzacht de pijn van het afscheid en zorgt voor een toekomstbestendige woningmarkt. Demografische krimp is daarmee geen bedreiging maar een gouden kans! (Auteur Erwijn Harsevoort)